.
 

Archieven> N°111 > @rtikel
article précédent image suivante

Pediatrie: actualiteit over prebiotica

Prebiotica zijn alsmaar belangrijker voor de gezondheid van kinderen. Ze helpen bij het ontwikkelen van een goede gastro-intestinale flora, bij de preventie van allergieën en bij het doen dalen van de frequentie van infectieziekten. Dus tal van voordelen door prebiotica bij kleine kinderen.

Prebiotica worden bepaald als selectief gefermenteerde ingrediënten die specifieke veranderingen veroorzaken in de samenstelling en/ of activiteit van de gastro-intestinale microflora en die gunstige effecten hebben voor de gezondheid van de gasheer. Er werden tal van studies uitgevoerd over deze bestanddelen en het belang ervan bij zuigelingen is nu goed gedocumenteerd.

Verandering van de darmflora

Een eerste positief effect van prebiotica is het feit dat ze darmflora kunnen veranderen bij zuigelingen. Uit verschillende recente studies is inderdaad gebleken dat het gebruik van deze middelen door kinderen het totale aantal bifidobacteriën in de ontlasting van zuigelingen kan doen stijgen en wel op een dosisafhankelijke manier.

Prebiotica spelen ook een belangrijke rol bij het veranderen van de pH van de feces van pasgeborenen. Bij het afbreken van prebiotica door de colonflora worden immers korte ketenvetzuren gevormd die de darminhoud zuurder maken.

Gunstig voor darmen en luchtwegen

In een placebo gecontroleerde studie door Bruzzese et al. werd het effect gemeten van een preparaat voor zuigelingen dat een mengsel bevat van prebiotica (GOS/ FOS) in vergelijking met een standaardformule in een open setting. Deze studie werd uitgevoerd bij 342 zuigelingen in goede gezondheid die gedurende 12 maanden werden gevolgd na de interventie. In vergelijking met de controles gaf het gebruik van de formule verrijkt met prebiotica een significante daling van de incidentie van gastro-enteritis en van het percentage kinderen met verschillende episoden van acute diarree.

Als er antibiotica worden gegeven, veroorzaakt dat onvermijdelijk een intestinale dysbiose die een sleutelrol kan spelen bij de pathogenese van met antibiotica geassocieerde diarree. Ook hier kan het gebruik van prebiotica doeltreffend blijken. In studies werd immers aangetoond dat bij kinderen die een antibioticabehandeling krijgen het aantal bifidobacteriën in hun feces snel kan stijgen zodat op die manier mede het optreden van episoden van met antibiotica geassocieerde diarree kan worden verminderd.

Prebiotica bieden ook voordelen op gebied van preventie van luchtweginfecties. In een gecontroleerd en gerandomiseerd onderzoek werd inderdaad aangetoond dat kinderen die een voeding kregen aangevuld met een mengsel GOS/FOS minder episoden hadden van infecties zowel van de luchtwegen in het algemeen als van de bovenste luchtwegen.

Preventie van allergieën

Atopisch eczeem is een jeukende ontstekingachtige huidaandoening met disfunctie van de epidermbarrière. De behandelingsmogelijkheden (zoals dermocorticoïden voor licht tot matig eczeem; topische of systemische remmers van calcineurine, UV fototherapie of systemisch azathioprine voor matig tot ernstig eczeem) zijn relatief beperkt en vaak weinig bevredigend zodat er veel belangstelling bestaat voor alternatieve behandelingen.

Het gebruik van prebiotica bij de preventie van atopische aandoeningen is gebaseerd op het feit dat deze middelen de darmflora van zuigelingen die flesvoeding krijgen kunnen veranderen. Er werd aangetoond dat de darmflora van atopische kinderen meer clostridium-stammen en minder bifidobacteriën bevat dan die van controlegroepen. Er bestaan dus onrechtstreekse gegevens die aantonen dat verschillen in de neonatale darmflora kunnen voorafgaan aan of samenvallen met het begin van een atopische aandoening. De intestinale microflora speelt dus een cruciale rol bij de pasgeboren wat betreft de rijping zijn immuunsysteem. Ook hier hebben prebiotica hun belang.

Er werd een gecontroleerd gerandomiseerd onderzoek uitgevoerd bij 259 kinderen tijdens hun eerste zes levensmaanden om de invloed na te gaan van suppletie van hun voeding met prebiotica op het optreden van allergische ziekten. Elk kind had minstens een ouder met een medisch bevestigde allergie. Uit de resultaten van dit onderzoek is gebleken dat de frequentie van atopisch eczeem significant lager was in de experimentele groep dan in de placebogroep (9,8% tegen 23,1%). Er werd in deze studie ook aangetond dat twee maanden na de interventie de gecumuleerde incidentie van atopische dermatitis, fluitende ademhaling en allergische urticaria hoger was in de placebogroep (respectievelijk 27,9%, 20 ,6% en 10,3%) dan in de experimentele groep (13,6%, 7,6% en 1,5%). Dit is de eerste studie van deze soort waarin werd aangetoond dat de verminderde incidentie van atopische aandoeningen dankzij het gebruik van prebiotica blijft verder bestaan zelfs nadat de suppletie was beëindigd.

Adrien Loreis

Referenties:

Roberfroid M, Gibson GR, Hoyles L, et al. Prebiotic effects: metabolic and health benefits. Br J Nutr. 2010 Aug;104 Suppl 2:S1-63.
Artikel
Engelstalig artikel geraadpleegd in maart 2011.

Thomas D, Greer F, et al. Probiotics and Prebiotics in Pediatrics. Pediatrics 2010:126 (6); 1216-32.
Artikel
Engelstalig artikel geraadpleegd in maart 2011.


Google

Web
H&F.be
 

 

© Health and Food est une publication de Sciences Today - Tous droits réservés